A general view of prticipants during 41st Session of the Human Rights Council. 24 june 2019. UN Photo/ Jean Marc FerréFoto:UN Photo / Jean Marc Ferré

Deze week vinden er bij de Verenigde Naties twee belangrijke vergaderingen plaats. In Genève onderhandelt de VN Mensenrechtenraad over een bindend verdrag over bedrijven en mensenrechten, terwijl in Wenen de VN Commissie voor Internationaal Handelsrecht praat over hervorming van het omstreden systeem van investeringsarbitrage (ISDS). Nederland neemt aan beide vergaderingen deel, maar lijkt de privileges van bedrijven vooralsnog belangrijker te vinden dan het beschermen van mensenrechten. Dat moet anders.

Naar een baanbrekend verdrag

Als Nederlandse consumenten weten we inmiddels hoe onze kleding, eten, mobieltjes, brandstof en andere alledaagse producten in verband staan met uitbuiting, ontbossing, landroof en vervuiling. Waar we minder vaak iets over horen, is het complete gebrek aan bindende internationale regelgeving om dit te voorkomen en bedrijven aansprakelijk te houden.

In 2014 werd in de VN Mensenrechtenraad een resolutie aangenomen om daar iets aan te doen; het geeft een werkgroep de opdracht om een bindend VN verdrag te ontwikkelen dat mensen betere bescherming moet bieden tegen mensenrechtenschendingen door bedrijven. Met name zuidelijke lidstaten willen dat zo’n verdrag er komt; zij dragen vaak de lasten van de globalisering, maar zien niet veel van de lusten. Volgende week begint in Genève de tweede onderhandelingsronde. Er ligt inmiddels een herziene conceptversie op tafel.

Staan bedrijven boven de wet?

Al jaren zetten Nederland en de EU in op zelfregulering door multinationals. Bestaande vrijwillige initiatieven worden gepresenteerd als geschikte middelen om hardnekkige problemen zoals mensenrechtenschendingen, ontbossing en vervuiling tegen te gaan. En daar waar onverhoopt toch schade wordt berokkend, zouden de lokale overheden moeten zorgen voor genoegdoening van de slachtoffers. Dat klinkt leuk in theorie, maar uit de praktijk weten we dat multinationals vaak veel macht hebben over lokale overheden en dat mensenrechtenverdedigers die zich uitspreken grote risico’s lopen op vergeldingsacties.

Europese lidstaten scharen zich bij de verdragsonderhandelingen in Genève achter een gemeenschappelijke Europese positie. Zonder een inhoudelijke bijdrage te leveren wijst de EU op bezwaren rondom het onderhandelingsproces en een pleidooi om nog meer te doen aan het versterken van bestaande (vrijblijvende) regels. GroenLinks, de SP en de PvdA willen dat het VN-verdrag er komt en dat Nederland actief bijdraagt. Maar minister Kaag wil eerst tot een Europees onderhandelingsmandaat komen. Dit is onvoldoende: Nederland kan nu ook al een inhoudelijke bijdrage leveren.

ISDS als machtig wapen

Tegelijkertijd onderhandelt Nederland binnen de EU enthousiast mee over handels- en investeringsverdragen met daarin de beruchte ISDS clausules. Daarmee kunnen buitenlandse investeerders buiten nationale rechtssystemen overheden aanklagen voor de invoering van maatregelen die de winstgevendheid van hun investeringen dreigen te schaden. Schadeclaims voor beleidsmaatregelen ter bescherming van milieu, volksgezondheid, en mensenrechten kunnen tot in de miljarden oplopen. Hiermee hebben bedrijven een machtig wapen in handen om overheden mee onder druk te zetten om beleidsmaatregelen af te zwakken of in te trekken. Ook Nederland kan voor het eerst te maken krijgen met ISDS. Het Duitse energiebedrijf Uniper dreigt met een ISDS claim in het geval de Eerste Kamer de wet verbod op kolen bij elektriciteitsproductie goedkeurt.

Nederland heeft de Europese Commissie een mandaat gegeven om in Wenen te onderhandelen over een multilateraal investeringshof. Zo’n hof brengt een aantal procedurele verbeteringen aan, maar de belangrijkste bezwaren tegen ISDS blijven intact; het hof is alleen toegankelijk voor buitenlandse investeerders, laat nationale rechtssystemen buitenspel, en geeft bedrijven nog steeds vergaande en afdwingbare rechten zonder dat daar verplichtingen tegenover staan. Terwijl veel zuidelijke landen dit zouden willen veranderen.

Uitgelezen kans

Onze bedrijven worden beschermd tegen onbetrouwbare rechtssystemen, maar burgers moeten het zelf uitzoeken. Deze fundamentele onrechtvaardigheid moet hoognodig worden aangepakt. De VN vergaderingen van volgende week bieden Nederland en de EU de uitgelezen kans om de balans tussen rechten en plichten van transnationale bedrijven te herstellen en het primaat van mensenrechten te waarborgen.

Deze blog verscheen ook in een bewerkte versie op Trouw.