De particuliere tak van de Wereldbank – de International Finance Corporation (IFC) – trekt haar investeringen terug uit het Canadese mijnbouwbedrijf Eco Oro Minerals en het controversiële goudmijnbouw project Angostura. Het bedrijf exploiteert een goudmijn op grote hoogte in het Colombiaanse Santurbán Páramo-gebied. De mijn ligt in een beschermd gebied dat miljoenen mensen van water voorziet. Het terugtrekken van de Wereldbank als investeerder is een belangrijke zet in het beschermen van dit unieke ecosysteem.

Serieuze slag

“Wij juichen het besluit toe van de [Wereldbank] nu ze zich achter het ‘Committee for the Defense of Water and the Santurbán Páramo’ (Committee) hebben geschaard en de onwaarschijnlijkheid van een succesvolle ontwikkeling van mijnbouw in de Páramo hebben ingezien,” zegt Alix Mancilla, afgevaardigde van het Committee. “We roepen de Colombiaanse overheid op geen enkele milieuvergunning te geven aan mijnbouwprojecten die de Santurbán kunnen aantasten. ”

“Het terugtrekken van investeringen door het IFC heeft een serieuze politieke en financiële impact op mijnbouw in de heidegebieden van Santurbán,” zegt Carlos Lozano Acosta van de ‘Interamerican Association for Environmental Defense (AIDA). “De Colombiaanse overheid moet zich nu beraden op haar coulante optreden ten opzichte van grootschalige mijnbouw in het beschermde ecosysteem, dat volgens de nationale wet illegaal is.”

Het besluit van het IFC komt nadat een rapport van het ‘Office of the Compliance Advisor Ombudsman’ (CAO) – een onafhankelijk klachtenmechanisme – concludeerde dat het IFC alvorens tot een besluit tot investering te komen de impact op mens en milieu onvoldoende heeft meegewogen, waarmee ze haar eigen regels schond. Het rapport was opgesteld naar aanleiding van een klacht, dat het ‘Committee’ – ondersteund door verschillende internationale organisaties – in 2012 bij de cao indiende.

Intensieve publieke druk

“Na intensieve publieke druk heeft het IFC de boodschap eindelijk begrepen en deze boodschap wordt kracht bijgezet doordat het IFC heeft besloten haar investeringen terug terug te trekken. Het besluit tot terugtrekken stelt de Colombiaanse overheid in staat om water te beschermen en wetgeving op te stellen ten behoeve van het publieke belang. Wij juichen het besluit van het IFC toe, het is in het belang van alle Colombianen,” zegt Carla Garcia Zendejas van het ‘Center for International Environmental Law (CIEL).

Maar terwijl het IFC tot haar besluit kwam, kondigde Eco Oro Minerals aan een internationale arbitragezaak aan te spannen tegen Colombia onder de voorwaarden van het vrijhandelsverdrag tussen Canada en Colombia. Het bedrijf spant een arbitragezaak aan vanwege de maatregelen die de Colombiaanse overheid heeft genomen om het ecosysteem te beschermen. De huidige nationale wetgeving verbiedt mijnbouw in de heidegebieden van Santurbán. Deze zaak zal worden behandeld in het ‘International Centre for Settlement of Investment Disputes (ICSID), dat ook onderdeel is van de Wereldbank.

Afpersing van soevereine overheid

“Eco Oro Minerals is niet meer geïnteresseerd in Colombia vanwege de mijnbouw en zijn uit op miljoenen Colombiaans belastinggeld. Ze persen een soevereine overheid af en oefenen druk uit om wetgeving dat het water in Colombia beschermt af te zwakken. Het besluit van het IFC bevrijdt de Wereldbank niet alleen van een duidelijk geval van belangenverstrengeling, het onderstreept ook de aanwezigheid van onbezonnen mijnbouwprojecten in de Colombiaanse páramos en dus de illegitimiteit van deze arbitragezaak,” voegt Garcia Zendejas toe.