Biobrandstofbedrijven kampen met overcapaciteit en voeren een intensieve lobby om zo snel mogelijk het percentage biobrandstoffen omhoog te krijgen dat mag worden bijgemengd in benzine en diesel.

In december 2011 werd een motie in de Tweede Kamer aangenomen die het bijmengpercentage verhoogt naar 10 procent in 2016. Dit ondanks groeiende twijfels over de duurzaamheid van deze biobrandstoffen. Met een beroep op de Wet Openbaarheid Bestuur heeft SOMO de hand gelegd op correspondentie tussen ambtenaren van het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, het Ministerie van Infrastructuur en Milieu, het Havenbedrijf Rotterdam, het Rotterdam Climate Initiative (RCI) en biobrandstofbedrijf Neste Oil. Uit deze correspondentie en interviews met verschillende stakeholders blijkt dat het RCI en bedrijven samen optrekken in de lobby voor hogere bijmengingspercentages van biobrandstof.

Overcapaciteit

Het is begrijpelijk dat de Rotterdamse haven en biobrandstofbedrijven deze lobby voeren. De Haven Rotterdam herbergt een aantal grote biobrandstofbedrijven en wil graag uitgroeien tot ‘bio-port’. De biobrandstofbedrijven kampen op dit moment met flink wat overcapaciteit en hebben dus belang bij het zo snel mogelijk ophogen van het percentage biobrandstoffen in traditionele, fossiele brandstoffen.

Broeikasgassen

Opmerkelijk is dat het RCI innig samen blijkt te werken met deze lobby. Mede omdat deze samenwerking de eigen klimaatdoelstellingen van het RCI kan ondermijnen. Zo heeft de het RCI de ambitie om in 2025 de uitstoot van CO2 te halveren in vergelijking met het niveau van 1990. Uit recent onderzoek in opdracht van de Europese Commissie (EC) blijkt echter dat biodiesel uit landbouwgewassen tot minstens zo veel uitstoot van broeikasgassen kan leiden als fossiele diesel.

Invloed lobby groeit

De toenemende invloed van de biobrandstofindustrie blijkt ook uit de samenstelling van de Commissie Duurzaamheidsvraagstukken Biomassa, die sinds 2009 het Kabinet adviseert over de duurzaamheid van biomassa: het aandeel van biobrandstofbedrijven is toegenomen onder de leden, en dat van milieu- en maatschappelijke organisaties afgenomen.