11 maart kreeg demissionair minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) Gerda Verburg een breed gesteunde motie van treurnis te verwerken. Onder minister Verburg zet het beleid van LNV sterk in op duurzaamheid. Trinus Hoekstra van Kerk in Actie betreurt het dat de discussie over Gerda ging en niet over de voedselprijzen.

Trinus Hoekstra, projectmanager bij het Binnenlands Diaconaat van Kerk in Actie en mededirecteur van het arbeidspastoraat DISK:

"Gerda Verburg figureert in de glossy als de minister van Leven, Nuchterheid en Verhalen. Een glossy die inzoomt op de persoon van een minister, kun je het jouwe van denken. Het past wel in een tijd waarin de persoonlijke kant van politici letterlijk steeds meer in de spotlights komt te staan. Je moet evenwel uitkijken wanneer je dat doet in verkiezingstijd, dat moet Verburg en haar communicatieadviseurs even ontgaan zijn. In verkiezingstijd zijn de oren gespitst en de tenen lang. Nu wil ik niet beweren, om maar even bij filmprijstermen te blijven, dat Verburg voor de glossy een Oscar verdient. Maar een motie van treurnis, of kritiek op haar beleid van duurzaamheid in de landbouw, had op een ander onderwerp kunnen slaan. Ik denk aan de totstandkoming van de voedselprijzen.

De boer of tuinder krijgt bijvoorbeeld 10 cent voor een product, in de supermarkt ligt het eindproduct voor 1 euro in de schappen. Waar de tussenliggende 90 cent naar toegaat, weet niemand. Vorig jaar heeft de Mededingingsautoriteit (NMA) een onderzoek naar de totstandkoming van voedselprijzen afgerond. Een afdoende antwoord heeft het NMA niet gevonden. De NMA kan niet aantonen dat een sector zoals de tussenhandel of de supermarkten zich structureel enorm verrijken aan de verwerking en doorverkoop van melk, eieren, fruit, groente of aardappelen. De indruk bestaat dat de prijzen op een ‘eerlijke’ manier tot stand komen. Daarmee bedoelt men ‘eerlijk’ in termen van vraag en aanbod op de ‘vrije markt’. Het betekent zeker niet dat we in Nederland met onze boeren en tuinders aan fair trade doen.

Met de huidige lage prijzen jagen we onze boeren en tuinders (ook in de biologische sector) op naar een nog efficiëntere en meer grootschalige productie. Met als gevolg nog lagere prijzen. Want, zegt de NMA, het werkelijke probleem is de overproductie. Eigenlijk zouden boeren en tuinders moeten afspreken om fors minder te produceren. Bij een gelijkblijvende of stijgende vraag gaan de prijzen dan volgens de regels van het spel omhoog. Het probleem is alleen dat een afspraak tot productieverlaging bij de huidige open grenzen alleen werkt wanneer die afspraken mondiaal worden gemaakt. De praktijk is nu al dat bij tegenvallende oogsten hier, de marktruimte door boeren en tuinders van elders wordt ingenomen.

De huidige minister van LNV legt in de omslag naar duurzaamheid die ze wil maken een forse zo niet cruciale rol weg voor het supermarktkanaal en de consument. Het probleem hierbij is dat beide partijen, zowel supermarkten zelf als consumenten, vooral geïnteresseerd zijn in lage prijzen. Sinds in 1998 de bodemprijzen zijn afgeschaft, concurreren supermarkten met elkaar op de A-merken. Er wordt nog maar weinig verdiend op bijvoorbeeld Coca-Cola of Douwe Egberts. Op huismerken en met name op verswaren wordt dat verlies teruggewonnen. Zo legt een gemiddelde supermarkt op Pampers 20 procent toe, maar maken ze ongeveer 40 procent winst op verswaren.

Vorig jaar heeft de Stichting Onderzoek Multinationale Ondernemingen (SOMO) een onderzoek gepubliceerd naar de inkoopmacht van supermarkten. In West-Europa zijn we voor een bevolking van 160 miljoen afhankelijk van 170.000 verkooppunten van 600 supermarktformules, die gebruik maken van 110 inkoopcentrales, die direct onderhandelen met producenten. Inkoopcentrales bundelen zich ook op Europees of wereldniveau waardoor wereldwijd producenten in de tang genomen worden door inkoopcentrales. Daarbij neemt de huidige wetgeving supermarkten in bescherming ten opzichte van te agressief gedrag van levensmiddelenproducenten, zoals dat voorkwam in het verleden.

Ondertussen zijn echter de rollen gewisseld. De supermarkten zijn de sterke spelers geworden en een verouderde wetgeving speelt hen in de kaart. Het is volgens mij een motie van treurnis waard dat het parlement, na een informatieronde in februari over de totstandkoming van de voedselprijzen, de samenhangende problemen van de relatieve overproductie in de land- en tuinbouw en de inkoopmacht van supermarkten niet verder aankaart bij de minister van LNV. Maar ja het is verkiezingstijd en dan is dit wellicht een te gewaagd onderwerp. Niemand maakt zich populair met hogere voedselprijzen, dan maar liever een tamelijk onschuldige glossy als steen des aanstoots."

Het Landelijk bureau voor arbeidspastoraat, DISK, maakt in samenwerking met Kerk in Actie een special over Landbouw, Voedsel en Duurzaamheid. Dit themanummer van Ondersteboven verschijnt in juli 2010 en is voor 2,50 aan euro’s te bestellen via info@disk-arbeidspastoraat.nl.

Bron: Kerk in Actie