De huidige kredietcrisis is hét moment om in de financiële wereld duurzaamheidscriteria te integreren in de dagelijkse bedrijfsvoering. Maar hiervoor moeten bankiers, financieel analisten, (institutionele) beleggers als de overheid, het bedrijfsleven en ook burgers met hun spaargeld meer engagement aan de dag leggen.

Eind juli bij de aandeelhoudersvergadering van mijnbouwbedrijf Vedanta Resources in Londen werd buiten gedemonstreerd tegen plannen voor de exploitatie van de Niyamgiri-berg in de Indiase staat Orissa. Dat er gedemonstreerd wordt, is op zich niet zo bijzonder, maar wel dat ook binnen de vergaderzaal actie werd gevoerd. De demonstranten legden de aandeelhouders uit dat de geplande activiteiten een bedreiging vormen voor het ecosysteem en voor de Kondh-stam die in het gebied leeft. De activisten hadden voor deze gelegenheid aandelen Vedanta Resources gekocht en konden zodoende naast de andere aandeelhouders aanschuiven, zoals grote en speculatieve investeerders.

Maatschappelijk engagement bij aandeelhouders is namelijk ver te zoeken. Dat hoeft niet altijd zo te zijn. Het pensioenfonds PGGM nam begin 2008 afscheid van zijn aandelenbelang in olieonderneming PetroChina, na een mislukte poging met de onderneming in gesprek te komen over haar betrokkenheid bij schendingen van mensenrechten in Darfur. Het idee is dat ondernemers duurzamer en socialer gaan handelen als hun financiers en aandeelhouders ze daartoe aanzetten. Pensioenfondsen zoals PGGM zetten de eerste voorzichtige stappen in die richting (onder druk van media-aandacht), maar verzekeraars en banken lopen nog ver achter.

Zo stelde de ABN AMRO Bank geen belang in de veroordeling door het Indiase hooggerechtshof van Vedanta Resources voor de verplaatsing van de lokale bevolking door bauxietwinning en het dumpen van giftig afval. In april 2007 gaf een bankensyndicaat waarvan ABN AMRO een van de vier leiders was, een bruglening van 1,1 miljard Amerikaanse dollars aan Vedanta. Volgens het initiatief Banktrack dat de activiteiten van banken in de gaten houdt, werd in mei 2008 door de ABN AMRO ook een bedrijfsfinanciering aan Vedanta verleend, terwijl diezelfde bank toch ook voorop liep in 2003 bij het opstellen van een vrijwillige bankencode om grote leningen duurzaam te maken, de 'Equator Principles' genaamd.

Speculatie op hoge winsten
Stichting Onderzoek Multinationale Ondernemingen (SOMO) constateert dat de Nederlandse banken duurzaamheid zelden meewegen in hun beslissing waar ze het kapitaal van hun klanten onderbrengen. Ondanks een streng beleid tegen beleggen en investeren in wapens, bleek in 2007 dat de ING aandelen bezat in ondernemingen die clustermunitie produceren. Geconfronteerd met deze contradictie tussen beleid en praktijk reageerde de ING met de mededeling dat dit geen aandelen waren die de bank in eigen beheer had, maar in beheer van klanten. Roos van Os van SOMO: 'Een zeer klein percentage van het belegde vermogen van grote banken valt onder duurzaamheidsbeleid. Dat geldt voor het geld dat ze in beheer hebben van klanten, maar ook voor het geld dat banken beleggen voor eigen rekening en risico.'

De huidige kredietcrisis met enkele grote banken in handen van nationale staten zou een goed moment zijn om in de financiële wereld duurzaamheidscriteria te integreren in de dagelijkse bedrijfsvoering. Niet alleen om milieu, klimaat en mens te beschermen, maar ook omdat speculatie op hoge winsten uit onduurzame activiteiten flink heeft bijgedragen aan de financiële crisis. Zo dachten ook verschillende maatschappelijke organisaties die een brief schreven aan minister Wouter Bos van Financiën.

Zij schrijven dat er geld nodig is voor investeringen in bijvoorbeeld klimaatinnovaties, lokale bedrijvigheid in achterstandwijken en in de economische groei van ontwikkelingslanden. 'Nu wereldwijd het besef groeit dat de banksector zich op een doodlopende weg bevindt, kan Nederland een andere richting wijzen. U [minister Bos] heeft nu de kans om een duurzame topbank te creëren, waarmee u straks een uitstekende propositie heeft voor eventuele kopers die zich willen committeren aan haar verdere ontwikkeling', staat er in de brief.

Het antwoord van de minister was een standaardbrief, wat volgens de ondertekenaars aantoont dat de minister het groene alternatief niet serieus neemt. Een beroepscode voor bankiers waarin de maatschappelijke verantwoordelijkheid van bankieren is verankerd, lijkt zodoende nog ver weg, of een streefdoel wat betreft de hoogte van de inkomsten uit duurzaam bankieren. Volgens Roos van Os komt dat doordat de overheid en de financiële instellingen niet willen tornen aan de vrijwilligheid van duurzame initiatieven.

'Banken houden niet van regels die hun handelen beperkingen opleggen', legt ze uit. 'Controle van de klant klinkt ook altijd mooi, maar die heeft te weinig tijd of informatie om de juiste keuzes te maken. Het grote gevaar is dat elke bank zijn eigen duurzame criteria opstelt en zogenaamde duurzame financiële producten verkoopt, waarbij de ene nog minder duurzaam is dan de andere. De enige oplossing is duurzaamheid flink te reguleren en de toezichthouders het mandaat te geven ook daarop te controleren.'

Van Os vindt steun bij oud-ABN AMRO-bankier en initiatiefnemer van de Equator Principles Herman Mulder. 'Mijn hartenkreet is dat overheden nu als grootaandeelhouders van de belangrijkste banken coherent en effectief beleid maken om de banksector duurzaam te maken. Ze moeten niet alleen beslissen over de samenstelling van de Raad van Commissarissen, maar zich mengen in de dagelijkse besluiten van het zakendoen.'

Vraagtekens bij duurzame praktijken
Waarom is het zo lastig om de financiële sector te verduurzamen? De bonuscultuur en het aandeelhoudersbelang zijn daar grotendeels debet aan, bang als de medewerkers zijn dat door het uitsluiten van bedrijven en projecten de bedrijfswinst zal dalen. Maar vanuit de banken klinkt ook kritiek dat arbitrair wordt vastgesteld wat wel en niet verantwoord is. Ze zijn in belangrijke mate aangewezen op wat de ondernemingen zelf over hun duurzame praktijken zeggen, maar de betrouwbaarheid van die informatie wordt veelal niet hoog ingeschat. Dat komt doordat rapporteren over duurzaamheid door bedrijven nog niet wettelijk is gereguleerd.

In een onderzoeksrapport van de Universiteit Nyenrode, Boston College en PricewaterhouseCoopers spreken de reacties van financieel analisten boekdelen: 'Ik moet vertrouwen wat ze [bedrijven] me zeggen. Een bedrijf is er om geld te verdienen, dus moet je deze informatie met reserve lezen.' Een andere analist zegt het als volgt: 'Ik ben sceptisch over wat bedrijven me vertellen en ik vind het moeilijk om te verifiëren of het waar is wat ze zeggen.'

Om duurzaamheid te integreren in de financiële sector zullen dus zowel bankiers, financieel analisten, (institutionele) beleggers als de overheid, het bedrijfsleven en ook burgers met hun spaargeld meer engagement aan de dag moeten leggen. Wat zal er gebeuren als het momentum van de kredietcrisis niet wordt benut om duurzaamheid in het bankmodel te integreren en burgers schouderophalend hun kapitaal blijven wegzetten bij ongeacht de instelling die het hoogste rendement garandeert, tot er weer een financiële zeepbel barst? Het antwoord van Herman Mulder is duidelijk, maar ook beangstigend. 'Dan ontstaat het grote gevaar dat we nu denken deze ene crisis te hebben opgelost, terwijl een nog desastreuzere humanitaire en ecologische crisis aan de horizon dreigt.'

Duurzaam zijn, hoe moeilijk is dat?
onzeWereld publiceert de komende nummers een reeks artikelen over de dilemma's waar bedrijven, overheden en burgers tegenaan lopen als ze duurzaam willen zijn. De serie is gebaseerd op het boek Het onzichtbare label dat journalist Evert-jan Quak schreef in opdracht van de Stichting Onderzoek Multinationale
Ondernemingen (SOMO) en dat op 9 september, de dag van de duurzaamheid, wordt gepresenteerd door uitgeverij KIT Publishers.

Praktische tips op www.juistnu.nl
Bij het boek Het onzichtbare label, een initiatief van Stichting Onderzoek Multinationale Ondernemingen (SOMO) en uitgegeven door KIT Publishers, verschijnen elke maand digitale dossiers op www.juistnu.nl.

Bron: OnzeWereld