Arisa, FNV, Schone Kleren Campagne en SOMO stuurden een brief aan de Nederlandse ambassadeur in Bangladesh van waarin ze hun bezorgdheid uiten over de verslechtering van de politieke ruimte die werknemers in de kledingindustrie in Bangladesh hebben om op te komen voor hun rechten. Ook maken de organisaties zich zorgen over de aanhoudende ernstige en systematische arbeids- en mensenrechtenschendingen.

Update 27-02-2019 met reactie van de Nederlandse ambassade in Bangladesh:

“Zoals u weet, is deze ambassade al jaren nauw betrokken bij acties die de verbetering van de situatie van (kleding-)arbeiders in Bangladesh beogen. Veel energie is gestoken in de verbetering van de veiligheidssituatie in fabrieken en hoewel daar veel verbeteringen zijn te constateren, is er nog volop noodzaak om er hard aan te blijven trekken. We zijn druk bezig om het Accord mogelijk te maken zijn werkzaamheden in Bangladesh te kunnen voort zetten. Daarnaast werken we samen met ILO en andere partners om het recht tot verenigen en het recht op een minimumloon te verzekeren. Daar zetten we het komende jaar vol op in.
Naar aanleiding van de ernstige incidenten waarnaar u verwijst, hebben we nauw contact met de EU collega’s en andere like-minded landen zoals Canada, Zwitserland en Noorwegen. Langs gemeenschappelijke lijnen spreken we de regering erop aan en bezien we hoe we kunnen bijdragen de mensenrechtensituatie te verbeteren.
In het algemeen kan worden gezegd dat in het afgelopen jaar in de aanloop naar de verkiezingen op vele fronten de ruimte voor debat en tegenspraak is afgenomen. Dat is een algemeen mensenrechten beeld waarbinnen het maatschappelijk middenveld, de oppositie en de pers het nu heel moeilijk hebben.
Wij blijven graag met u in gesprek.”